Het abc van de driegeleding
Van A tot Z: een aantal begrippen uit de sociale driegeleding kort beschreven.
- Aandelen
- Ondernemingen zouden onverkoopbaar moeten zijn, opdat zij zich richten op het vervullen van de consumentenbehoefte en daarbij met respect kunnen omgaan met arbeid, grond en kapitaal en met de Aarde – zonder dat daarin privébelangen, die aan het eigendom verbonden zijn, kunnen ingrijpen.
- Aandelenhandel
- De handel in aandelen (‘stukjes eigendom’) houdt op te bestaan wanneer ondernemingen niet meer verhandeld kunnen worden maar op basis van een gebruiksrecht worden geleid door daartoe bekwame ondernemers.
- Arbeid
-
Arbeid is de menselijke activiteit die wordt ingezet om een resultaat (product, dienst) voort te brengen waaraan anderen (dat wil zeggen: niet degene die de arbeid verricht en/of degenen met wie hij zijn privéleven deelt) behoefte hebben. Zo schept de inzet van arbeid economische waarde.
Met het verrichten van arbeid draagt men ook bij aan de welvaart en/of het welzijn van het sociale geheel waarvan men deel uitmaakt.
Arbeid is geen koopwaar.
Niet de arbeid zelf, maar het resultaat van arbeid is iets dat verkocht kan worden. Artikelen - Arbeidsdeling
-
Arbeidsdeling is de optimale ordening van deelhandelingen in een productieproces (en feitelijk in de hele economische keten). Deze ordening is, zoals ook de technologie die daarbij wordt ingezet, een vrucht van menselijke inventiviteit (door Rudolf Steiner ‘geest’ genoemd).
Gevolg van de in onze tijd feitelijk mondiaal doorgevoerde arbeidsdeling is dat de moderne economie mensen van over de hele wereld met elkaar verbindt. Hun binnen een productieketen wereldwijd ingezette arbeid – die gebruik maakt van grondstoffen en goederen uit andere productieketens – vloeit samen in de productie van hetgeen in die keten gemaakt wordt en verbindt daarmee het resultaat van hun arbeid met de consument die het verbruikt.
- Arbeidsmarkt
-
Arbeid is onverkoopbaar; het resultaat van arbeid is wel verkoopbaar.
Met het gebruik van de term ‘arbeidsmarkt’, veronderstellen we dat arbeid koopwaar is en aan de zgn wetten van vraag en aanbod onderhevig zou kunnen zijn. Dat betekent echter dat we arbeid beschouwen en behandelen als een vorm van slavernij.
- Associaties
-
Samenwerkingsverbanden in de economie, waarin de gezichtspunten, inzichten, behoeften en belangen van consumenten / handel / productie vertegenwoordigd zijn. Doel van de associatie is om de behoefte van de consument te vervullen en daarbij – op basis van transparantie (open boekhouding) – tot de juiste prijs te komen.
De associaties vormen zich vanuit de economische praktijk en verbinden zich met andere associaties waar en wanneer die praktijk dat vraagt.
Het weefwerk van de associaties verzorgt, volgend uit de primaire taak van de associaties, ook andere taken die onder meer te maken hebben met de waarde van het geld, de inzet van arbeid en van kapitaal, de toevoer van schenkgeld aan het geestesleven. Artikelen - Associëren
- Een gezonde economie functioneert op basis van samenwerking en verbinding, in overeenstemming met het feit dat alle schakels in de economie ten opzichte van elkaar wederkerig afhankelijk zijn. Niet concurreren maar associëren!
- Bedrijfsopvolging
-
In een onderneming die van zichzelf is – waarvan de ondernemer de onderneming op basis van een gebruiksrecht leidt - vindt opvolging plaats zonder dat er sprake is van een bedrijfsovername of de noodzaak dat ondernemers zich inkopen of moeten worden uitgekocht.
De vertrekkende ondernemer zal in principe een geschikte opvolger kunnen aanwijzen en wordt daarin eventueel bijgestaan door ervaren collega-ondernemers.
Zo wordt bij opvolging ondernemerscapaciteit bepalend en niet de beschikking over kapitaal. - Broederschap
-
In het kader van de sociale driegeleding is broederschap het ideaal dat in de praktijk van de economie leidend zou moeten zijn. Dáár betekent broederschap (‘zusterschap’ mag ook):
samenwerken (in de economische keten)
en samen delen (dat wat samen gerealiseerd is samen eerlijk verdelen). - Consumentenbehoefte
- In een gezonde economie is de consumentenbehoefte het vertrekpunt van alle economische activiteit: het is de primaire taak van de economie deze behoefte te vervullen. Deze behoefte wordt tot uiting gebracht in de associatieve overlegorganen waar consument, producent en handelaar overleggen over de mogelijkheden en voorwaarden voor een adequate vervulling van de consumentenbehoefte. Artikelen
- Economisch leven
-
Het economische leven heeft als taak de materiële behoeften van de consument te vervullen. Die behoefte zou het startpunt van alle economische activiteit moeten zijn. De economie bestaat uit drie geledingen, die van productie, circulatie (handel) en van consumptie.
De economie zou gevormd moeten worden op basis van inzicht in de wederkerige afhankelijkheid waarop de economie berust. Broederschap zou in de economie het leidende principe moeten zijn. Heel eenvoudig verwoord betekent dat: samen werken aan het scheppen van welvaart en deze eerlijk delen. - Eenheidsstaat
-
Het gebied van het rechtsleven, dat is het gebied waarin de ingezetenen van een (rechts)gemeenschap hun wederzijdse rechten en verhoudingen vorm geven, is het gebied waarin de staat zijn opgave heeft.
Van een eenheidsstaat is sprake wanneer de staat zijn eigen gebied te buiten gaat en zich ook mengt in het geestesleven en in de economie. Artikelen - Eigendom
- Grond en kapitaal zouden geen privé-eigendom moeten kunnen zijn. Dat betekent dat op grond en ondernemingen geen eigendomsrecht van toepassing is, maar dat deze slechts op basis van een gebruiksrecht kunnen worden beheerd. Artikelen
- Gebruiksrecht
- Het recht op eigendom van grond en kapitaal (dat wil zeggen productiemiddelen, ondernemingen) moet plaatsmaken voor een in tijd begrensd gebruiksrecht. Grond en kapitaal mogen door een daartoe geschikte ondernemer worden gebruikt, zolang deze de inzet van zijn ondernemerscapaciteiten daaraan verbindt. De periode waarin dit gebruiksrecht mag worden uitgeoefend is vooraf overeengekomen of eindigt doordat de ondernemer zijn ondernemerschap niet meer met de betreffende grond of het betreffende bedrijf kan of wil verbinden. Het gebruiksrecht gaat dan over op een volgende bekwame ondernemer. Artikelen
- Geestesleven
-
Het geestesleven is het gebied in de samenleving waarin onderwijs, wetenschap, kunst, zorg, cultuur e.d. zich afspelen. Hier gaat het om de mens als zich ontwikkelend individu; en het ontwikkelen van, of werken met individuele talenten en vaardigheden.
De mens die zijn vaardigheden in vrijheid ontwikkelen kan, zal opgroeien tot een sociaal vaardige persoonlijkheid die zijn capaciteiten zal willen inbrengen ten behoeve van het geheel van de samenleving. Daarom zou alles dat zich in dit gebied afspeelt in vrijheid moeten kunnen gebeuren – op basis van de deskundigheid, ervaring en behoefte van de direct betrokkenen. - Gelijkheid
- Gelijkheid is het ideaal dat aan de basis ligt van het rechtsleven. In het rechtsleven heeft elke burger een gelijke stem in de besluitvorming over het vormgeven van de wederzijdse verhoudingen in wetten en regels en het formuleren van rechten en plichten. Alle wetgeving geldt in gelijke gevallen in gelijke mate en in het rechtsleven zouden alleen algemeen-menselijke aangelegenheden aan de orde moeten komen, waarover ieder oordeelsbekwaam is. (Aangelegenheden die in de economie of in het geestesleven spelen, moeten daar, door de betrokkenen, behandeld worden.) Artikelen
- Kapitaal
-
Kapitaal is wat elke ondernemer nodig heeft om zijn onderneming op te starten of verder te ontwikkelen; het is het middel dat de ondernemer in staat stelt zijn ondernemerschap uit te oefenen.
Kapitaal ontstaat als gevolg van de werkzaamheid van de menselijke geest (in de vorm van inventiviteit, creativiteit, kunde, ondernemerschap) en stelt, eenmaal ontstaan, een (volgende) ondernemer in staat zijn inventiviteit in de werkelijkheid toe te passen.
Kapitaal zou geen privé-eigendom moeten zijn, maar zou moeten worden ingezet op basis van een gebruiksrecht. Artikelen - Rechtsleven
-
Het rechtsleven is het gebied in de samenleving waarin de verhoudingen van mens tot mens worden vormgegeven: hier worden rechten en plichten, wetten en regels geformuleerd. Dit gebeurt op basis van gelijkheid; het principe dat in het rechtsleven leidend moet zijn.
In het geheel van de sociale driegeleding heeft het rechtsleven de opgave de vrijheid van het geestesleven te waarborgen en de economie te begrenzen. Het rechtsleven wordt ook wel het staatsleven of het politieke leven genoemd. - Rente
-
Een billijke vergoeding voor het gebruik van een som geld is niet misplaatst; zeker niet wanneer het geldsysteem zo is ingericht dat geld een tijdelijke waarde heeft en dus op zeker moment (bijvoorbeeld 30 jaar nadat het in omloop is gebracht) zijn waarde verliest.
Rente over rente werkt destructief. Artikelen - Sociaal organisme
- Een organisme is een levend iets. Onder het sociale organisme wordt hier verstaan: het levende geheel dat (alle) mensen samen vormen. Het sociale organisme bestaat uit drie geledingen: het geestesleven, het economische leven en het rechtsleven. Deze drie onderscheiden zich van elkaar doordat zij elk een eigen functie hebben. – Ziekte en gezondheid zijn termen die iets over de toestand van een organisme kunnen zeggen. De gezondheid van het sociale organisme hangt samen met de vraag of elke geleding zijn eigen functie kan vervullen
- Vrijheid
- Vrijheid van onderwijs, vrijheid van therapiekeuze, academische vrijheid, vrijheid van meningsuiting… het zijn bestanddelen van de vrijheid die in het geestesleven moet heersen. Het geestesleven - het domein van onderwijs, wetenschap, kunst, gezondheidszorg – moet vrij zijn van de invloed van staat en economie: dat is de optimale situatie voor het ontwikkelen van en het werken met individuele capaciteiten. Artikelen