Regeerders uit de B-selectie
"Zij die nu heersen, die regeren, zijn niet voortgekomen uit een selectie van de besten. Deze tijd brengt het met zich mee dat de besten juist buiten beeld blijven en dat de slechtsten in de meeste gevallen komen bovendrijven.”
Ruim honderd jaar geleden hadden de VS een president, Woodrow Wilson, die in een groot deel van de wereld bejubeld werd, vooral vanwege zijn mooie, maar totaal onzinnige praatjes over vrede en recht. Met zijn 14-punten plan, in 1918 gelanceerd, en het ‘zelfbeschikkingsrecht der volkeren’, zette hij de deur wagenwijd open voor verdeeldheid en strijd – en schiep gewild of ongewild een klimaat waarin de VS konden uitgroeien tot wereldmacht nummer 1.
De sociale driegeleding was het antwoord op de abstracte wereldvreemdheid van Wilson: het zelfbeschikkingsrecht van het individu tegenover het zelfbeschikkingsrecht van het volk. Rudolf Steiner vertegenwoordigde de krachten van de toekomst, Woodrow Wilson de krachten van de neergang die de 20e eeuw sterk ingekleurd hebben.
“U weet, ik heb er hier vaak over gesproken, dat het een van de belangrijkste verschijnselen van de moderne geschiedenis is, dat de leidende personen naar boven komen drijven op basis van de selectie van de slechtsten. Ik heb dat door de jaren heen bij verschillende gelegenheden steeds opnieuw gezegd. Zij die nu heersen, die regeren, zijn niet voortgekomen uit een selectie van de besten. Deze tijd brengt het met zich mee dat de besten juist buiten beeld blijven en dat de slechtsten in de meeste gevallen komen bovendrijven.”
(Rudolf Steiner, 12 oktober 1919, uit GA Nr 191)