Philip Bakker

Goed kunnen lezen

Jongeren informeren zich via de sociale media. Het leesonderwijs in Nederland wordt naar het schijnt steeds beroerder. Maar… hoe belangrijk is het nog om goed te kunnen lezen?

Uit een interview in ‘The Washington Post’ (17 augustus 1987):
“Veel bedrijven verschuiven hun productie naar plekken met goedkope, relatief laagopgeleide arbeidskrachten. Wat cruciaal kan zijn, zeggen ze, is de betrouwbaarheid van de arbeidskrachten en hoe goed ze kunnen worden gemanaged en getraind. Het gaat niet om het algemene opleidingsniveau, alhoewel een klein kader van hoogopgeleide creatieve mensen essentieel is voor innovatie en groei. Een einde maken aan discriminatie en het veranderen van waarden zijn waarschijnlijk belangrijker dan leren lezen.”254

Ook een invloedrijk lid255 van de Council on Foreign Relations256 vertelde in 1982 een groep communicatiemanagers: “Hebben we nu echt nodig dat iedereen alfabeet is – kan schrijven en lezen in de traditionele zin – wanneer we door onze technologie een nieuw opbloeien van orale kunsten zullen bereiken?” (Gatto, 2000;85)

Aan de andere kant is het duidelijk dat steeds meer mensen, ook door steeds complexere wetten, minder goed kunnen volgen wat de overheid uitvoert. Dit geldt ook voor de leden van de Tweede Kamer.257 Pieter Omtzigt258 hierover in 2020:
De wetten zijn veel ingewikkelder geworden de afgelopen vijftig jaar. En de politieke akkoorden zijn volledig dichtgetimmerd, zodat er geen controle op uitvoerbaarheid meer plaatsvindt terwijl de overheid tegelijkertijd de inhoud van wetten complexer en ondoorzichtelijker maakt.” (Herderscheê, 2020)

De burger wordt hierdoor gereduceerd tot ‘toekijker’ en hoeft alleen nog maar eens in de vier jaar te stemmen, en te denken dat we daardoor een democratie hebben.259 Toch blijft de Nederlandse overheid het onderwijs hervormen, blijft de leesvaardigheid dalen en leggen deskundigen een verband met toenemende criminaliteit.260

Leesspecialisten spreken over ‘geprogrammeerde mentale achterstand’.261 De overheid blijft desondanks het excuus hanteren dat het onderwijs beter en ‘inclusiever’ dient te zijn en moet leiden tot meer gelijkheid.262 263 Sluipenderwijs is in de afgelopen 30 jaar ook het niveau van vakken als wis- en natuurkunde achteruitgegaan, zoals het Platform Wiskunde Nederland aan de orde stelt (Nuland, 2023).

Propaganda-pionier Edward Bernays264 zei in 1928 het volgende over onderwijs:265
“Universele geletterdheid werd verondersteld de gewone man te onderwijzen in het controleren van zijn omgeving. Zodra hij kon lezen en schrijven zou hij de geestkracht hebben om te beslissen. Zo klonk de democratische doctrine. Maar in plaats van een geest, gaf universele geletterdheid hem rubberen stempels, rubberen stempels met inkt van reclameslogans, met hoofdartikelen in kranten, met gepubliceerde wetenschappelijke data, met de onbenulligheden uit de sensatiekranten en de cliché’s uit de geschiedenis, maar feitelijk ontbloot van originele gedachten. (…)
We worden geregeerd, onze geesten gevormd, onze voorkeuren bepaald, onze ideeën gesuggereerd, grotendeels door mannen van wie we nooit hebben gehoord. (…)
Het publiek erkent de echte waarde van educatie niet en beseft niet dat onderwijs als sociale kracht niet de aandacht ontvangt die het zou mogen verwachten in een democratie. […] Dus de docent wordt in onze beschaving beperkt en onderdrukt. Zoals de zaken nu zijn, kan deze situatie niet veranderen vanaf de buitenkant, tenzij het algemene publiek zijn standaarden voor presteren verandert, wat het niet snel zal doen.”


Noten:
254 - Het betreft een uitspraak van Thomas Sticht, onderwijsconsultant in Washington D.C. waar Mastery Learning werd geïmplementeerd (Iserbyt,1995;73). Mastery learning is een strategie voor instructie die voor het eerst voorgesteld is door Benjamin Bloom in 1968. Mastery Learning richt zich ook op ‘affectieve uitkomsten’ (verandering van gevoel) en wordt ingezet bij ‘Een leven lang leren’ (Bloom,1976). https://en.wikipedia.org/wiki/Mastery_learning
255 - https://en.wikipedia.org/wiki/Anthony_Oettinger
256 - https://nl.wikipedia.org/wiki/Council_on_Foreign_Relations. Zie ook: https://www.cfr.org
257 - De wetten worden ook te complex voor Tweede Kamerleden. De Nationale Ombudsman waarschuwt hier ook voor. Zie hoofdstuk 1. “Doordat de Kamer daar slecht bij wordt betrokken, worden de parlementariërs uiteindelijk vaak met min of meer voldongen feiten geconfronteerd. Ze mogen tekenen bij het kruisje.” Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans waarschuwt dat de regering door deze praktijk uiteindelijk zichzelf in de vingers zal snijden. “Je moet het parlement willen betrekken bij politieke keuzes, anders verlies je op een gegeven moment het vertrouwen.” (Witteman,2021)
258 - https://nl.wikipedia.org/wiki/Pieter_Omtzigt
259 - De Franse politicoloog en filosoof Bertrand Manin noemt dit ‘audience democracy’’ (Meurs, 2021;37).
260 - Brunner,1993;22-23, en Dijk & Klaver,2022.
261 - Citaat: “Brunner calls the teaching of reading as it is practiced in today’s elementary classrooms
“programmed retardation.”
(Eakman, 1998;383).
262 - Dijk & Klaver schrijven in 2022: “Het hele fundament van het onderwijsgebouw blijkt rot.” Ook stellen zij dat er een diepgravende analyse van de leescrisis nodig is, en dat die er nog niet is. Een aanvullende vraag kan ook zijn of het fundament inderdaad rot is, of dat het internationale onderwijsbeleid bewust ook nog andere doelstellingen heeft. Er bestaat veel (internationale) literatuur over het leesbeleid van overheden, het internationale beleid rond ‘functional literacy’, en de zichtbare effecten hiervan op het kunnen en willen lezen van jongeren. Brunner spreekt niet voor niets over ‘geprogrammeerde mentale achterstand.” Op deze plek lijkt vooral de klassieke vraag aan de orde: Cui bono?. Dat is Latijn voor Wie heeft er baat bij?
263 - Cui bono betekent letterlijk in het Latijn: "Voor wie is het ten goede". De formelere versie is "Wie heeft er baat bij". Dit wordt onder meer gebruikt in geval een misdrijf is gebeurd en men de dader zoekt in de richting van diegene die baat heeft door het plegen van dit misdrijf - het zogenaamde motief van het misdrijf. https://nl.wikipedia.org/wiki/Cui_bono
264 - Edward Bernays (1891-1995) wordt beschouwd als één van de grondleggers van het vakgebied van de propaganda (https://nl.wikipedia.org/wiki/Propaganda_(communicatie)), wat later uit imagoredenen is hernoemd tot ‘public relations’ (https://nl.wikipedia.org/wiki/Public_relations). Sigmund Freud, de beroemde psychiater, was zijn oom. Bernays was specialist in het verbinden van producten aan de onbewuste verlangens van het grote publiek. Hij had veel grote bedrijven als klant. Daarnaast was hij ook PR-adviseur van o.a. Adolf Hitler.
265 - Bernays, 1928;9,12,20,37,114,121.

Dit is een fragment uit: Philip Bakker, In school we trust, Nearchus CV, (2023) ISBN 9789083325606