Over arbeid, over inkomen
Arbeid is de menselijke inspanning, fysiek of geestelijk, die leidt tot een resultaat -een product of een dienst- dat in de behoefte van anderen voorziet. Die anderen leveren een tegenprestatie: zij kopen het product of maken tegen betaling gebruik van de dienst.
Daarmee betalen zij niet de arbeid maar het resultaat van die arbeid.
Want arbeid zelf, de menselijke inspanning, is ‘onverkoopbaar’ en ons denken en spreken over een ‘arbeidsmarkt’ doet geen recht aan de mens die arbeid verricht.
Inkomen is de tegenprestatie die de mens die arbeid verricht ontvangt, in ruil voor het resultaat van zijn arbeid. Dit inkomen stelt hem in staat arbeid te blijven verrichten, oftewel: mee te werken aan het maken van producten of het leveren van diensten waaraan anderen behoefte hebben.
Het verdelen van arbeid en het verdelen van inkomen zijn vraagstukken die niet op een ‘markt’ van vraag en aanbod afgedaan kunnen worden. Het zijn ‘rechtsvraagstukken’ die (steeds opnieuw) onderwerp zijn in een gesprek waarin ieder die erbij betrokken is op basis van gelijkheid meespreekt en -besluit.